warehouse_and_logistics
FR - NL Home >  Dossiers > Wetgeving




 
Detachering van werknemers: strengere maatregelen tegen 'detacheringsfraude'

go back print this page     send page by mail     Comments
Staatsecretaris voor Sociale en Fiscale Fraudebestrijding John Crombez neemt nieuwe maatregelen om de detacheringsfraude tegen te gaan. De rechtbank heeft voortaan meer macht bij misbruiken, maar toch blijft de fraude zelf moeilijk te bewijzen in het wegvervoer.

Een trucker die in het buitenland in dienst wordt genomen en in België werk is 'gedetacheerd'. De huidige regelgeving op het vlak van detachering opent achterpoortjes naar misbruiken, die John Crombez wil sluiten.

"In het geval van detachering levert het land van origine een attest A1, wat meteen een waarborg is dat de werknemer in orde is met de sociale zekerheid. Vandaag is een dergelijk attest dwingend voor de Belgische administratie en rechters.", stelt An Baccaert, woordvoerster van John Crombez. "De rechters staan machteloos en kunnen niets ondernemen tegen frauderende bedrijven. We moesten dus een wettelijk kader creëren waarbinnen een Belgische rechter in geval van misbruik het attest A1 naast zich neer kan leggen. Daarnaast worden vier extra controleurs in dienst genomen die het team dat 'grensoverschrijdende fraude' bestrijdt, komen versterken.", aldus nog Baccaert.

Oneerlijke concurrentie

Als de overheid speekt over misbruiken, gaat het eigenlijk over oneerlijke concurrentie en sociale dumping. Meer concreet stelt zich de volgende vraag: als een Belgische transportonderneming een filiaal in het buitenland opent om er chauffeurs in dienst te nemen, die het wil inzetten in België, op welke manier is deze detachering dan nog legaal te noemen? Als we daarbij uitgaan van de hypothese dat de chauffeur in dienst werd genomen door een Belgisch bedrijf dat een postbusbedrijf opende in het land van de chauffeur, dan gaat het om een volkomen illegale oplossing. Een volgende vraag die zich stelt, is of een transportfirma die een echt filiaal opent in het buitenland zich in de illegaliteit begeeft. Volgens de wet kan dit filiaal Belgische transportopdrachten toevertrouwen aan zijn personeelsleden zolang de regels van de cabotage en de detachering van werknemers gerespecteerd worden.

Detachering heeft overigens wettelijk gezien geen precieze maximale duur, maar ze mag geen permanent karakter krijgen. "De Europese richtlijn 96/71 van het Europees Parlement en de Europese Raad van 16 december 1996 in verband met de detachering van werknemers in het kader van het leveren van diensten [...] werd op 5 maart 2002 in een Belgische wet gegoten. Deze wet vermeldt echter geen termijn.", zegt Isabelle De Maegt van Febetra. "Er staat ook geen termijn in de richtlijn. Op basis van de reglementering kan men afleiden dat het om een 'beperkte periode' gaat en dat de werkgever de intentie moet hebben om zijn werknemer opnieuw naar zijn land van oorsprong te sturen.", gaat De Maegt verder.

De wet mag dan al geen termijn vermelden, de RSZ doet dat wel. "Voor de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid is detachering beperkt tot een periode van 12 maanden, die met nog eens 12 maanden verlengd kan worden mits de toestemming van de bevoegde instanties van het land waar de activiteit wordt uitgevoerd.", verduidelijkt Lode Verkinderen, Secretaris Generaal van TLV. "De naar België gedetacheerde werknemer kan overigens niet onderworpen blijven aan de sociale zekerheid van zijn land. De reglementering geeft de bevoegde autoriteiten van het betrokken land trouwens de mogelijkheid op vraag van de vervoerder bijkomende afwijkingen toe te staan in het voordeel van de werknemer. De duurtijd van de detachering mag op die manier in principe tot 5 jaar worden uitgebreid.", aldus nog Verkinderen.

Identiek loon

De detachering van werknemers is niet alleen gebonden aan het tijdelijk karakter van de prestaties. Een nauwgezette naleving van de Belgische reglementering inzake loon en sociale voordelen is eveneens vereist. "De wet van 5 maart 2002 stipuleert dat iedere werkgever, die in België een gedetacheerde werknemer in dienst heeft, hem moet inzetten aan dezelfde arbeids-, loons- en beroepsvoorwaarden die wettelijk, reglementair of via conventies voorzien zijn. Dit geldt voor alle arbeidsprestaties die hier worden uitgevoerd en inbreuken zullen met boetes gesanctioneerd worden.", voegt Isabelle De Maegt eraan toe. "De Belgische arbeids- en loonsvoorwaarden moeten dus worden toegepast wanneer een chauffeur van een in het buitenland gevestigd bedrijf cabotagevervoer verricht in België.", aldus nog De Maegt.

Chauffeurs die werken aan buitenlandse arbeids- en loonsvoorwaarden kunnen wettelijk slechts nationale transporten uitvoeren binnen het bestek van hun internationale trajecten. Door de aard van het werk wordt het begrip detachering echter bijzonder ingewikkeld voor een chauffeur die regelmatig de grenzen overschrijdt. Om de maximale duurtijd van de detachering duidelijk te kunnen definiëren, moet justitie mee evolueren. Kan de Belgische regering een maximale duurtijd van de detachering opleggen? "Nee, dat is onmogelijk!", reageert de woordvoerster van John Crombez. "Dan zouden we immers de Europese regelgeving terugfluiten en dat kunnen we niet doen.", aldus nog An Baccaert.

De nieuwe maatregelen tegen de 'detacheringsfraude' geven rechters evenwel de mogelijkheid om misbruiken gemakkelijker te sanctioneren. Dat zou een afschrikeffect moeten hebben.



Fraude valt moeilijk te bewijzen

De RSZ-inspecteurs (die geen controlebevoegdheid hebben buiten België), het arbeidsauditoraat (met procedures die tot twee jaar kunnen oplopen en die het gebruik van rogatoire commissies vereisen) of een vervoerder of chauffeur die zich benadeeld voelt (gebaseerd op de concurrentiebescherming) kunnen een rechtsvordering instellen. "Ze moeten echter bewijzen van deze oneerlijke concurrentie aandragen bij de voorzitter van de handelsrechtbank. Voor de vaststellingen kunnen ze een beroep doen op justitie of zelf ter plaatse nagaan of het filiaal in kwestie een postbusbedrijf is of niet."



Zware sancties

Indien de fraude bewezen is, wacht de vervoerder een zware sanctie. "De sancties gaan van kleine tot zware boetes.", verklaart Mr. Ghislain Royen (Multijuris). "Daar bovenop is er echter ook nog het risico op omvangrijke regularisaties op het vlak van de RSZ-bijdragen en bedrijfsvoorheffing. Met ook nog eens alle boetes en interesten, die daarop verschuldigd zijn. Eventuele sociale bijdragen in het land waar het filiaal werd opgericht, worden overigens niet in rekening gebracht door de Belgische Staat.", gaat Royen verder. Deze sancties zijn overigens identiek, ongeacht of de vervoerder een echt filiaal of een postbusbedrijf oprichtte.


07/02/2013  |  Astrid Huyghe
go back print this page     send page by mail     Comments
Uw commentaren
Geef uw commentaar (max. 1000 tekens)

Commentaarregels

E-mailadres

Paswoord

In het belang van uw veiligheid verzoeken we u dit veld bij elke commentaar in te vullen.

-> Paswoord vergeten?
-> Nog niet ingeschreven